|
Tips voor bewaren van voedsel in diepvries
Diepvriezen
|
Produkt
|
Blancheren in
(minuten)
|
Verpak
ken
|
Bewaren max
(maanden)
|
Voorbereiding |
| Groente invriezen |
|
1) B = aluminium bakjes
D = diepvriesdozen
F = aluminiumfolie
K = kartonnen dozen
M = magarinekuipjes
P = plastic bakjes
Z = diepvrieszaken |
|
|
| Aardappelen |
- |
DZ |
3-6 |
gebakken schijfjes of puree;
geen gekookte aardappelen |
| Aardappelen, frites |
- |
DZ |
3-6 |
in reepjes snijden, 2 minuten
voorbakken |
| Andijvie |
2-3 |
DZ |
12 |
wassen, in stukken van 1 à 2
cm snijden; tijden het blancheren roeren |
| Artisjokken |
7-10 |
Z |
8-12 |
buitenste bladeren verwijde-
en wassen; citroensap i blancheerwater roestvrijsta- len materiaal
gebruiken |
| Asperges |
2-4 |
DZ |
8-12 |
wassen, schillen, bovenste
stukken van 15 cm afbreken; houtige stukken gebruiken voor de soep; kopen
als ze het goedkoopst zijn; roestvrij- stalen materiaal gebruiken |
| Aubergines |
2-4 |
BDMA |
8-12 |
wassen, in plakken of blokjes snijden, snijvlakken zouten, blancheren; tussen elke plak aluminiumfolie doen; ongeblancheerd slechts 3 maanden houdbaar
|
| Bieten |
- |
DZ |
8-18 |
in 40 tot 50 min gaar koken;
pellen; heel laten in plakjes of stukjes snijden; eventueel raspen; nooit
rauw invriezen |
| Bleekselderij |
- |
D |
12 |
in stukjes van 1 tot 2 cm snijden |
Bloemkool
-roost
-stuk
-heel |
2 |
FZ |
12 |
wassen. blancheren in zout water en
goed laten uitlekken; heel of in roosjes invriezen; neem stevige kool
zonder vlekjes, want ingevroren bloemkool wordt gauw zacht en bruin. |
| 4 |
FZ |
12 |
| 6 |
FZ |
12 |
| Boerenkool |
2-3 |
DZ |
12 |
harde middelste
nerven ver- wijderen; na blancheren koelen en goed laten uitlekken |
| Broccoli |
2-4 |
DZ |
12 |
stronk en bladeren
verwijderen, wassen in zout water, in roosjes verdelen en goed laten
uitlekken |
| Champignons |
- |
D |
3 |
niet geschikt om
in te vriezen; worden droog en taai; eventueel 1 minuut in boter stoven;
hele jaar verkrijgbaar |
| Chinese kool |
1-2 |
DZ |
12 |
buitenste bladeren
en harde nerven verwijderen; wassen, klein snijden blancheren en uitlekken |
| Courgettes |
12 |
D |
8 |
wassen, in plakjes snijden, blancheren of in boter stoven; ongeblancheerd ingevroren slechts 3 maanden houdbaar
|
| Doperwerten |
1-3 |
DZ |
12 |
doppen en wassen,
blanche- ren en afkoelen; beschadig de doperwten tijdens het doppen niet;
ongeblancheerd ingevroren slechts 3 maanden houdbaar |
| Groene kool |
2-4 |
DZ |
12 |
buitenste bladeren en harde nerven
verwijderen; wassen, klein snijden; blancheren en uitlekken |
| Knolselderij |
3-5 |
DFZ |
8-10 |
wassen, schillen,
in stukjes of plakjes snijden; na het blan- cheren met citroensap
besprenkelen; kan ook goed op een koele plaats worden bewaard (max. 6
maanden) |
| Komkommer |
2 |
FZ |
6 |
matig geschikt; zo
nodig sch?llen, in plakjes of stukjes snijden of grof raspen; hele
ingevroren komkommer snijden, schaven of raspen vóór ontdooien |
| Koolrabi |
2-4 |
DZ |
12 |
wassen, schillen, in repen of plakken
snijden |
| Maïskolven |
5-11 |
D |
8-12 |
bladeren en haar
verwijde- en; wassen, blancheren, afkoelen en afdrogen; apart invriezen;
alleen jonge en verse kolven |
| Paprika |
- |
BDFZ |
3 |
wassen, zaadjes en zaad lijsten verwijderen; eventueel in reepjes snijden; bevroren aan gerechten toevoegen
|
| Peultjes |
1-2 |
DZ |
12 |
steeltjes en
draden verwijderen blancheren en afkoelen; alleen jonge en verse peulen |
| Postelein |
1-2 |
D |
12 |
wassen en 10 minuten laten uitlekken; eventueel fijnsnijden; geeft in diepvrieszakken
smaakafwij- king |
Prei
- stukken (10 cm)
-ringen
-ringen of stukken |
3-6
1-2
3-6 |
DFZ
DFZ
DFZ |
12
12
12 |
buitenste bladeren
verwijderen; goed wassen en in stukken van 1 cm snijden; blancheren of 3
tot 4 minuten stoven in boter; alleen gekookt te gebruiken.
In stukken kan ook, mits goed gewassen
ingevriest worden |
| Raapstelen |
2 |
DZ |
12 |
wassen en in stukken van 1 cm snijden |
| Rabarber |
- |
DZ |
12 |
wassen, stelen in stukken van 2 tot 3 cm snijden; daarna gaar
koken en eventueel suiker toevoegen |
| Radijs |
- |
- |
- |
niet geschikt |
| Rode bieten |
20-30 |
DZ |
12 |
wassen, kooktijd zomerbieten 20-30 min winterbieten 1 tot 1
1/4 uur. Ontvel de bieten daarna en snijd ze in reepjes of blokjes of
schaaf ze. Goed koud laten worden voor het inpakken |
| Rode kool |
2-4 |
DZ |
12 |
buitenste bladeren verwij- deren; wassen, klein snijden,
eventueel harde nerven verwijderen; blancheren en uitlekken |
| Sla |
- |
- |
- |
niet geschikt |
| Schorsenen |
3-4 |
Z |
12 |
borstelen en wassen; schillen; direct in water met citroensap of azijn leggen; stelen in stukken van circa 4 cm snijden |
| Snijbonen |
2-3 |
DZ |
12 |
steeltjes en draden verwijderen; snijden |
| Sperziebonen |
2-3 |
DZ |
12 |
draden verwijderen; wassen en zo nodig breken;
ongeblancheerd slechts 3 maanden houdbaar |
| Spinazie |
1-2 |
DZ |
12 |
goed wassen en 10 minuten laten uitlekken; tijdens blancheren goed roeren; zo nodig hakken of malen; ongeblancheerd slechts 3 maanden houdbaar
|
| Spitskool |
2-3 |
dz |
12 |
buitenste bladeren verwijderen; wassen, klein snijden of
fijnschaven; blacheren en laten uitlekken |
| Spruitjes |
3-5 |
DZ |
12 |
schoonmaken en wassen; blancheren, afkoelen en laten uitlekken |
| Tomaten, puree |
- |
DKP |
12 |
wassen, pellen, in stukken snijden en met weinig water tot
moes koken, circa 5 minuten; door een zeef wrijven |
| Tomaten garnering |
1 |
DZ |
8-12 |
wassen, blancheren en ij zijn geheel invriezen; gedeeltelijk
ontdooid in plakken snijden; na ontdooien vrij slap; vaak ook een
afwijkende smaak |
| Tuinbonen |
3-5 |
DZ |
12 |
doppen en wassen; alleen jonge zachte bonen gebruiken |
| Tuinkruiden |
- |
DZ |
12 |
al of niet gesneden met weinig water invriezen in ijsblokjeshouder; bevroren
aan gerechten toevoegen |
| Uien |
- |
- |
- |
niet geschikt |
| Venkel |
2-4 |
Z |
6 |
wassen, in plakken van circa 1/2 cm snijden, blancheren en
laten uitlekken; alleen gekookt (dus nier rauw) te gebruiken |
Witlof
-gesneden
-heel
|
2
5
|
DZ
DZ
|
12
12
|
buitenste bladeren en bittere kern weghalen; eventueel in
stukken van 2 cm snijden; alleen gekookt (dus niet rauw) gebruiken |
| Witte kool |
2-3
| DZ |
12 |
buitenste bladeren verwijderen, wassen, klein snijden of
fijnschaven; blancheren en laten uitlekken
|
| Wortelen |
2-4 |
DZ |
12 |
schrappen, wassen, grote
wortelen in stukje snijden; ongeblancheerde ingevroren slechts 3 maanden
houdbaar |
| Zuurkool |
- |
Z |
12 |
rauw, of als stamppot in vuurvaste schotel; ook zonder in te vriezen houdbaar |
| Produkt |
Verpakken (1) |
Bewaren max
(maanden) |
Voorbereiding |
| Fruit invriezen |
1) B = aluminium bakjes
D = (plastic) diepvriesdozen
F = aluminiumfolie
Z = diepvrieszaken |
|
|
| Aardbeien |
D |
8-12 |
wassen, laten uitlekken, kroontjes eraf halen; eventueel
apart invriezen op plaat en daarna verpakken; of direct verpakken met
suiker (circa 1 op 10), suikersiroop of als moes |
| Abrikozen |
D |
8-12 |
wassen, halveren, ontpitten; verpakken met suikersiroop;
vitamine C toevoegen (1 gram per kg) alleen rijpe stevige vruchten
gebruiken |
| Ananas |
D |
8-12 |
schillen, harde kern verwijderen; in stukjes of plakken
snijden; verpakken met suiker of suikersiroop |
| Appels |
DZ |
8-10 |
schillen, klokhuis eruit halen en in stukjes snijden;
circa 2 minuten blancheren; stukjes in oplossing van 2 g citroenzuur per kg vruchten leggen; met suiker bestrooien of in suikeroplossing invriezen; stevige, zure appels nemen; vooral geschikt voor appelmoes en babyvoeding
|
| Appelmoes |
D |
8-12 |
appels in weinig water gaar koken; suiker naar smaak er bij;
bij bereiding roestvrij staal gebruiken |
bessen
zwarte en rode |
DZ |
8-12 |
wassen, rissen en laten uitlekken; naar keuze met suiker bestrooien; eventueel apart invriezen op plaat, daarna verpakken |
| Bramen |
DZ |
8-12 |
wassen en laten uitlekken; kroontjes eraf halen; naar keuze
met suiker bestrooien (1 op 10); eventueel apart invriezen en daarna
verpakken |
| Citroenen |
DZ |
10-12 |
in zijn geheel of in partjes; verpakken met suiker of een suikeroplossing; rijpe, sappige vruchten gebruiken |
| Citroensap |
DZ |
10-12 |
vruchten uitpersen, sap eventueel zeven; eventueel in
ijsbakjes tot blokjes invriezen en daarna verpakken |
| Druiven blauwe |
BD |
8-10 |
wassen en van de tros halen; eventueel apart invriezen op een plaat; invriezen in
suikeroplossing of met suiker |
| Druiven witte |
- |
- |
niet geschikt |
| Frambozen |
DZ |
8-12 |
wassen, kroontjes eraf, laten uitlekken; eventueel apart invriezen op plaat en daarna verpakken; of met suiker (1 op 2) of als moes invriezen |
| Granberries |
D |
10-12 |
vruchten die een mooie donkerrode kleur hebben. als ze
in verpakking zitten zo in de diepvries. Geplukte wassen, droge en
diepvriezen |
| Grapefruit |
D |
10-12 |
pellen en in partjes verdelen; verpakken met suiker(siroop) |
| Grapefruitsap |
DZ |
10-12 |
vruchten uitpersen; eventueel voor de smaak citroensap of suiker toevoegen; eventueel in ijs bakje invriezen en verpakken |
| Kersen |
DZ |
8-12 |
vruchten uitpersen;eventueel voor de smaak citroensap of
suiker toevoegen; eventueel in ijsbakje invriezen en verpakken |
| Kruisbessen |
DZ |
8-12 |
steeltjes verwijderen; wassen en laten uitlekken; zo nodig verpakken met suiker (1 op 10) of suikeroplossing; desgewenst apart invriezen en daarna verpakken; stevige, nog enigszins groene bessen gebruiken |
| Meloen, hele |
D |
10-12 |
kapje afsnijden, zaadjes en pitten verwijderen; uitspoelen
en goed laten uitlekken; binnenkant bestrooien met suiker (1 op 10), kapje
erop en invriezen; watermeloen is ongeschikt |
| Meloen, blokjes of schijfjes |
D |
10-12 |
zaadjes en pitten verwijderen; naar keuze met suiker
bestrooien |
| Mirabellen |
D |
6-8 |
was de vruchten, uit laten lekken; met suikersiroop
invriezen |
| Morellen |
D |
10-12 |
was de vruchten en ontpit ze eventueel; houd ze daarna 5
minuten tegen de kook aan in suikersiroop; goed alten afkoelen voor het
diepvriezen |
| Peren |
D |
8-10 |
schillen, ontpitten en in stukjes snijden; 20 minuten in een
oplossing van 2 gr citroenzuur per liter water leggen; 2 minuten
blancheren; eventueel bestrooien met suiker of met suikersiroop invriezen;
bij de bereiding roestvrij staal gebruiken |
| Perziken |
D |
10-12 |
schillen, halveren, pit eruit halen; 20 minuten in een oplossing van 2 g citroenzuur per liter water leggen; roestvrij staal gebruiken
|
| Pruimen en kwetsen |
D |
10-12 |
schillen, halveren, pit eruit halen; verpakken met suiker of
suikersiroop; kan ook als moes worden ingevroren; voeg dan suiker naar
smaak toe; bij de bereiding roestvrij staal gebruiken |
| Rozebottels |
D |
10-12 |
snijd het kroontje en steeltje af, halveer ze en verwijder
pitten en vruchtpluis. Was de rozbottels en verpak ze of verwerk ze eerst
tot puree, Breng de puree desgewenst op smaak met suiker |
| Sinasappelsap |
DZ |
10-12 |
vruchten uitpersen, eventueel suiker of citroensap toevoegen voor de smaak; eventueel invrie
zen in ijslaatje en verpakken als blokjes |
| Vijgen |
DF |
10-12 |
voorzichtig wassen, heel laten; per stuk verpakken, of
schillen en verpakken met suikersiroop; alleen rijpe, groene vruchten
gebruiken |
|
|
|
|
| Produkt |
Verpakken (1) |
Bewaren max
(maanden) |
Voorbereiding |
| Zuivel invriezen |
1) B = aluminium bakjes
D = diepvriesdozen
F = aluminiumfolie
K = geparaffineerde kartonnen bekers
V = originele verpakking
Z = diepvrieszaken |
|
|
| Boter, ongezouten |
V + F |
1-2 |
in koelkast en verpakking laten ontdooien |
| Eieren, eiwit |
BDK |
6 |
niets toevoegen; eieren met schaal of gekookt niet geschikt |
| Eieren, dooiers al dan niet met eiwit |
BDK |
3 |
mengen met suiker (2 eetlepels op 10 dooiers) of met zout (2
theelepels op 10 dooiers); roeren tot gelijkmatige massa in ontstaan,
zonder er lucht in te kloppen; vermeld op verpakking of dooiers zoet of
zout zijn |
Kaas, stuk
-jong
-oud |
FZ
FZ |
6-9
6-9 |
vooral geschikt zijn Edammer en Goudse kaas; in gebruiksklare stukken snijden; zachte en schimmelkazen zijn minder geschikt |
| Kaas, geraspt |
DZ |
2-4 |
bevroren geraspte kaas schimmelt niet; in porties verdelen |
| Koffieroom |
- |
- |
niet geschikt; vet wordt in koffie als vetogen zichtbaar |
| Kwark |
DV |
12 |
eventueel vermengen met kruiden of vruchten en suiker |
| Margarine |
V + F |
10-12 |
in koelkast in verpakking laten ontdooien |
| Mayonase |
- |
- |
niet geschikt; gaat schiften |
| Melk |
- |
- |
niet geschikt; overal te koop |
| Slagroom |
DK |
1-4 |
licht opkloppen met suiker; alleen verse gepasteuriseerde
slagroom gebruiken |
| IJS |
DV |
tht |
een halfuur voor consumptie in koelkast zacht laten worden; vruchtenijs is korter houdbaar dan
vanille- of chocoade-ijs |
| Yochert |
- |
- |
niet geschikt; vlokt uit |
| Zure room |
BFK |
1-2 |
minder geschikt; wordt korrelig |
| Produkt |
Verpakken (1) |
Bewaren max
(maanden) |
Voorbereiding |
| Brood en gepak invriezen |
1) C = cellofaan
F = aluminiumfolie
D = diepvriesdozen
V = originele verpakking
Z = (plastic) diepvrieszaken |
|
|
| Biscuutdeeg, ongepakken |
- |
- |
niet geschikt: eiwit valt uit elkaar |
| Brood, wit, bruin en volkoren |
FZ |
1 |
afkoelen tot kamertemperatuur; eventueel in dag porties verdelen; sneetjes kunnen snel ontdooid worden in broodrooster
|
| Broodjes, belegd |
DFZ |
1/2 |
niet geschikt als beleg zijn; gekookt ei,
mayonase, sla, tomaten, komkommer en jam; sneetje scheiden door cellofaam |
| Krenten- en rozijnenbrood |
FZ |
6 |
eventueel in porties verdelen |
| Roggebrood |
DFZ |
2-3 |
in porties verdelen |
| Saucijzebroodjes |
V |
4-6 weken |
- |
| Appelgebak |
CF |
2-3 weken |
appelflappen en -carrés eventueel ongebakken
invriezen; gebakken appelgebak eventueel ontdooien in matige hete oven
(150-180 graden C) |
| Bitterbalen |
D |
3-4 weken |
zonder verpakking voorvriezen;
Leg tussen twee lagen een dubbel stukje aluminiumfolie |
| Boterkoek |
DZ |
2 weken |
vers, liefst lauw verpakken |
| Cake |
Z |
3 |
volgens recept, maar minder citroensap
toevoegen; vers, liefst lauw verpakken |
| Gebak van bladerdeeg |
ZDFZ |
4 |
volgens recept bereiden, laten afkoelen en
invriezen; bladerdeeg laten ontdooien |
| Gebak van cakedeeg |
DF |
6-8 |
pas na ontdooien garneren |
| Gebak, crème au beurre |
CF |
1-4 weken |
zonder verpakking voorvriezen; daarna verpakken;
tijden ontdooien niet uit verpakking halen |
| Gebak van gistdeeg |
DFZ |
4-6 |
niet te veel kruiden; niet te heet bakken |
| Gebak van zandtaartdeeg |
DF |
4-6 |
jamvruchten, rauwe vruchten en taartgelei pas na ontdooien verwerken |
| Loempia |
D |
3-4 weken |
doe niet meer dan 4 loempia in één pakje |
| Kwarktaart, gebakken |
- |
- |
niet geschikt; kwark wordt korrelig en nat |
| Ongebakken bladerdeeg |
FV |
4-6 |
industrieel diepgevroren bladerdeeg gebruiken |
| Ongebakken cakedeeg |
DF |
2-3 |
zonder verpakking voor-
vriezen op blik; daarna verpakken; |
| Ongebakken gistdeeg |
DFZ |
2-3 |
hoeveelheid voor een brood (500 g); beter resultaat met dubbele hoeveelheid gist; bovenkant
deeg insmeren met boter |
| Ongebakken zandtaartdeeg |
DF |
3-4 |
in rechthoekige stukken of in bakvorm invriezen;
bovenkant insmeren met boter |
Slagroomgebak,
-taart |
CDF |
6-8 |
zonder verpakking voor- vriezen; daarna verpakken; tijdens ontdooien niet
uit- pakken; pas na ontdooien neren |
| Vlaai |
CF |
2-3 weken |
volgens recept |
| Wafels, gebakken |
DFZ |
1-3 |
tussen elke wafel cellofaan pas na ontdooien bestrooien met poedersuiker |
|
|
|
|
|
|
|
|
| Produkt |
Verpakken (1) |
Bewaren max
(maanden) |
Voorbereiding |
| Vlees en vleeswaren invriezen |
1) C = cellofaan
F = aluminiumfolie
D = diepvriesdozen
Z = (plastic) diepvrieszaken |
|
|
Kalfs- en lamsvlees, rauw
-mager
-gemiddeld
-vet |
-
-
- |
6
3-4
1-3 |
in porties voor één keer gebruik invriezen; vet
wegsnijden; voor het bakken ontdooien en droogdeppen; bewaartijd
afhankelijk van vetgehalte |
Rundvlees, rauw
-mager
-gemiddeld
-vet |
-
-
-
| 12
6
4 |
in porties voor één keer gebruik invriezen; vet
wegsnijden; voor het bakken ontdooien en droogdeppen; bewaartijd
afhankelijk van vetgehalte |
Varkensvlees, rauw
-mager
-gemiddeld
-vet
|
CFZ
CFZ
CFZ |
6
3-4
1-3 |
in porties voor één keer gebruik invriezen; vet
wegsnijden; voor het bakken ontdooien en droogdeppen; bewaartijd
afhankelijk van vetgehalte |
| Biefstuk |
FZ |
6 |
in porties van maximaal 500 g verpakken; lapjes met folie
scheiden; voor het bakken ontdooien en droogdeppen |
| Blinde vinken |
- |
3 |
met folie van elkaar scheiden |
| Braadworst |
CFZ |
3-4 |
niet sterk kruiden; met folie van elkaar scheiden |
| Frikandel |
CFZ |
3 |
niet sterk kruiden; met folie van elkaar scheiden |
| Gehakt, half -om |
Z |
1-3 |
in porties van maximaal 500 gram verpakken; na ontdooien
kruiden; gekruid slechts 1 maand houdbaar |
| Gehakt, rund |
CDFZ |
6 |
in porties van maximaal 500 gr verpakken |
| Hamburger |
Z |
1-3 |
niet sterk kruiden; met folie van elkaar scheiden |
| Hart |
CFZ |
3 |
goed wassen en drogen; bevroren opzetten |
Karbonade
Kotelet
-varkens
-kalfs
-runder |
CFZ
CFZ
CFZ |
4
8
12 |
porties van maximaal 500 gram maken; lapjes met folie
scheiden |
| Lever |
CFZ |
1-3 |
alvorens te verpakken een paar uur in koud water zetten;
vóór het bakken ontdooien en droogdeppen; valt snel uiteen |
| Nieren |
CFZ |
3 |
goed wassen en 2 minuten blancheren |
Rollade
-kalfs
-runder |
CDF
CDF |
3-5
8-12 |
rauw verpakken; matig kruiden, niet zouten; met folie
scheiden; gevulde rollade is slechts 3 maanden houdbaar; voor bereiding
niet helemaal laten ontdooien |
| Runderlappen |
FZ |
10-12 |
rauw verpakken; met folie scheiden; porties van maximaal 500
gr; voor bereiding niet helemaal laten ontdooien |
Schnitzel
-kalfs
-runder |
CFZ
CFZ |
3-6
3-6 |
met folie scheiden; gepaneerd 3 maanden houdbaar |
| Spek |
CFZ |
1-2 |
wordt snel ranzig; kleine porties invriezen; ook houdbaar zonder invriezen |
| Tartaar |
- |
1-3 |
maak schijven, met folie ertussen |
Vleeswaren
-boterhamworst
-casselerib
-fricandeau
-ham |
CF
CF
CF
CF |
1-3
1-3
1-3
3 |
verpakken in porties voor één keer gebruik; verse
lever- en bloedworst worden kruimelig |
| Produkt |
Verpakken (1) |
Bewaren max
(maanden) |
Voorbereiding |
| Wild en gevogelte invriezen |
1) C = cellofaan
F = aluminiumfolie
Z = (plastic) diepvrieszaken
|
|
|
Konijn en haas
-tam
wild |
CFZ
CFZ |
3-6
6 |
laten afhangen (1-7 dagen); schoonmaken; alle ingewanden
verwijderen; eventueel in kleinere porties; botten verwijderen |
| Duif |
CFZ |
12 |
laten afhangen (3-4 dagen); plukken, branden en schoonmaken; eetbare organen apart invriezen en in de buikholte doen; gekocht bij poelier niet langer dan 3 maanden houdbaar |
Eend
-tam
-wild |
CFZ
CFZ |
3-4
6 |
laten afhangen (3-4 dagen); plukken, branden en schoonmaken;
eetbare organen apart invriezen en in de buikholte doen; gekoch bij
poelier niet langer dan 3 maanden houdbaar |
| Fazant en gans |
CFZ |
6 |
laten afhangen (3-4 dagen); plukken, branden en schoonmaken; 24 uur koud wegzetten; eetbare organen apart invriezen en in de buikholte doen; goed opbinden en verpakken; gekocht bij poelier niet langer dan 3 maanden houdbaar |
| Kalkoen |
CFZ |
12 |
laten afhangen (3-4 dagen); plukken, branden en schoonmaken; 24 uur koud wegzetten; eetbare organen apart invriezen en in de buikholte doen; goed opbinden en verpakken; gekocht bij poelier niet langer dan 3 maanden houdbaar |
Kip, haantje, soepkip
-filet
-stukken
heel |
CFZ
CFZ
CFZ |
5
8
9 |
laten afhangen (3-4 dagen); plukken, branden en schoonmaken; 24 uur koud wegzetten; eetbare organen apart invriezen en in de buikholte doen; goed opbinden en verpakken; of in porties snijden, deze met folie scheiden
|
| Produkt |
Verpakken (1) |
Bewaren max
(maanden) |
Voorbereiding |
| Vis, schaal en schelpdieren invriezen |
1) D = diepvriesdozen
F = aluminiumfolie
Z = (plastic) diepvrieszaken |
|
|
| Garnalen, zelf gevangen |
DFZ |
4-8 |
3 tpt 5 minuten in kokend
water, of rauw, daarna snel afkoelen en pellen; onder water zetten en
invriezen; gekocht minder lang houdbaar |
| Schaaldieren, krab, kreeft, scampi |
D |
1-3 |
levend in kokend water; per
500 gr 15 minuten koken; laten uitlekken, kraken en uit schaal halen; of
invriezen met kooknat, eventueel aangevuld met water |
| Mosselen en oesters |
D |
3-4 |
uitzoeken, wassen; koken (3-4
minuten) en uit schelp halen; in het kooknat invriezen; eventueel rauw
uit schelp halen en bedekken met water en citroensap |
| Vis, mager |
DFZ |
4-6 |
betreft baars, bot, kabeljauw, meerval, poon, rog, schar, schelvis, schol, snoek(baars), tong, wijting en zeelt; haal kop, staart, vinnen en schubben weg, ingewanden eruit; in zijn geheel of in moten invriezen; glaceren in ijswater |
| Vis, vet |
DFZ |
2-3 |
betreft ansjovis, haring, makreel, paling, sardines, sprot en zalm; voeg 2 g citroenzuur per liter water toe; haal kop, staart, vinnen en schubben weg, ingewanden eruit; in zijn geheel of in moten invriezen; glaceren in ijswater |
| Vis, gerookt |
DFZ |
8-10 |
betreft paling, bokking, forel
en makreel; eventueel kop verwijderen; fileren; paling maximaal 3 maanden |
| Visburgers |
DFZ |
8-10 |
op gebruikelijke wijze
klaarmaken; schijven vormen, folie daartussen doen en invriezen |
| Visfilet |
DZ |
2-3 |
geheel laten ontdooien, daarna
eventueel paneren |
| Vissticks |
- |
2-3 |
- |
------
Voor het laatst bijgewerkt 10 mei 2012

|